Dagje naar Coromandel
February 12th, 2007
Corrie’s bezoek zat er bijna op maar we waren nog niet naar de Coromandel geweest. Met de auto is dat best een eind rijden maar je kunt er ook op een dagtochtje met de boot heen en dat hebben we dus maar gedaan.
Uiteindelijk zie je maar een klein stukje van het schiereiland maar het was erg mooi weer en het was ook heel relaxed reizen.
Voordat we in Coromandel town aanlegde met de Kawau Cat eerst aangelegd bij Waiheke en …… een prive eilandje, tenminste de steiger was prive en het was ook best lastig aanleggen. Vooral door het lage water. Het geeft in ieder geval weer vermaak.
Om een uur of 11 waren we dan toch echt in Coromandel harbour en werden we door een bus opgewacht die ons naar town bracht en ondertussen een hoop informatie gaf over het schiereiland.

Coromandel Town is een soort openluchtmuseum achtig plaatsje en heel vriendelijk in de zon. Vandaar natuurlijk wel een ijsje gehaald en vast broodjes voor de lunch. Nog even de hoofdstraat op en neer gelopen tot aan de rivier en de boten bewonderd die daar op de wal lagen. Ineens was het tijd om terug naar de bus te gaan en werden we naar Driving Creek Railway gebracht. Dit is een groot stuk land wat Barry Brickell in de jaren 70 kocht om een pottery te beginnen. Het was nogal steil dus hij begon met het aanleggen van een treintje zodat hij de klei voor zijn pottery makkelijker kon halen. Dit treintje is uitgegroeid tot een enorm hobby project en nu mogen toeristen ook in het treintje om een ritje door zijn bos te maken. Het is allemaal geregenereerd bos maar het begint al aardig wat te lijken. Ze hebben ook bomen en vooral veel kauri’s geplant.
De mensen die er werken zijn allemaal even enthousiast over het gebied en over Barry Brickell, die er nog steeds woont en nog steeds actief is in de pottery. Verder zijn er vaak potters te gast die dan gebruik kunnen maken van een klein hutje om in te wonen en een workshop en ovens.
Overal staan ook beelden en de meest prominente is wel de kauri boom die Barry gemaakt heeft. Hij dacht niet dat hij ooit nog op zijn eigen grond een grote kauri boom zou zien dus hij heeft er zelf maar een gemaakt.Â
Nog wat rondgewandeld over het terrein en door de beeldentuin en toen was het weer tijd om in de bus te gaan. We werden nu naar een “gold stamper” gebracht. De coromandel heeft aardig wat goud maar het zit echt in de grond en is er dus niet uit te halen door met een zeefje en een pan in de rivier te scheppen, tenminste op die manier krijg je niet echt veel. Vandaar dat ze echt zijn gaan mijnen een jaar of 150 geleden. Coromandel town was toen een behoorlijk grote plaats en had 6 van deze gold stampers waar het goud uit de stenen werd gehaald. Degene waar wij heen gingen had ook een groot water rad wat de energie van meer dan de helft van de stampers verzorgden. We werden daar onderhouden door en heel enthousiaste mijnbouwer die ons op een leuke manier liet zien hoe het hele proces van goudwinning in elkaar zat. Hij beloofde ook veel herrie te maken door de machinerie te laten draaien maar ik moet zeggen dat ik dat nog wel mee vond vallen.
Het was inmiddels al aardig in de middag maar we mochten nog eventjes in Coromandel town een biertje drinken voordat we weer terug naar de ferry gebracht werden. Wel eerst even gestopt bij een visboer waar we gerookte terakihi gehaald hebben.
Terug op de boot lekker boekje lezen en we stonden zo weer in Auckland. We hebben de avond maar afgesloten in de Macs Brewery pub alwaar ze of een nieuw plafond versiering hadden of het was me gewoon nooit eerder opgevallen.
Posted in New Zealand, Vakanties | Comments (1)








March 16th, 2007 at 20:45
ik merk dat ik heel lang niet naar je webloge gekeken heb maar vandaag geniet ik er van liefs lucie